|
Sinds jaar en dag word ik regelmatig gevraagd om speciale voordrachten te houden op congressen, symposia en studie- en themadagen en bij andere serieuze en minder serieuze gelegenheden. Dit over de meest uiteenlopende onderwerpen, waar ik dan, niet gehinderd door enige kennis van zaken, mijn licht over laat schijnen. Dit doorgaans tot groot genoegen van de toehoorders die op prettige wijze worden wakker geschud omdat de overvloed van diepzinnige en hooggestemde informatie van de de voorgaande zeergeleerdere sprekers hen te veel was geworden. Op onbevangen wijze pak in het onderwerp van de dag bij de kop en wijs dan vooral op de onvolkomenheden van het taalgebruik van de doelgroep, soms met een milde glimlach, vaker nog met een bestraffende wijsvinger. En soms voeg ik ook nog wel eens een gedichtje in, dat ik toevallig toch al over het onderwerp geschreven had.
Vele geledingen van de maatschappij hebben mij inmiddels al het oor geleend. Zo ben ik regelmatig met de politie in aanraking geweest, maar ook de tandartsen hingen aan mijn lippen. En dan zwijg ik nog maar over de makelaars, de postzegelverzamelaars, de griffiers, de inkopers, de natuurbeschermers en de vliegexaminatoren. En over de meest zinnige en onzinnige onderwerpen sprak ik al gauw een klein half uur uit de losse pols: de rampenbestrijding, de Betuweroute, Teletekst, beleggen, golfspelen, klootschieten en tegeltjeswijsheden. U kunt het zo gek niet bedenken.
|